Coalitieprogramma 2014-2018

Politiek Leudal

 

Coalitieprogramma Samen Verder en CDA voor zittingsperiode raad 2014 - 2018

 

Samen de schouders eronder

 

 

In de raadsvergadering van 27 mei 2014 is voor de zittingsperiode 2014 - 2018 een coalitie gevormd bestaande uit de raadsfracties Samen Verder + CDA.

In de raadsvergadering van 24 juni 2014 hebben die fracties een conceptcoalitieprogramma, geheten 'Samen de schouders eronder' aan de oppositiefracties overgelegd met de vraag om daarop een reactie te geven. Dat is gebeurd.

Nadien hebben de coalitiefracties én hun politieke groeperingen, gehoord hebbende het commentaar van de oppositiefracties het concept op enkele punten aangepast. Daarna hebben zij het coalitieprogramma definitief vastgesteld.

Op 25 augustus 2014 heeft de griffier, op verzoek van de coalitiefracties, het coalitieprogramma d.d. 24 augustus 2014 aan de oppositiefracties aangereikt.

Hieronder integraal de tekst van dat programma. Let wel: het is dus geen raadsprogramma (van de gehele raad) maar het programma van 2 van de 6 raadsfracties die tezamen een meerderheid van 14 van de 25 raadszetels in de raad vormen.

 

(begin tekst)

 

0. Dit coalitieprogramma is voor de definitieve vaststelling eerst nog voorgelegd aan de gemeenteraad tijdens de raadsvergadering van 24 juni 2014

 

Alle andere partijen hebben hun visie en standpunten over het programma gepresenteerd. Daar zijn wij de partijen dankbaar voor. Enkele ingebrachte zaken zijn in dit definitieve akkoord door ons overgenomen. Voor zover zaken niet zijn overgenomen, betekent dit geenszins dat wij – ook ten aanzien van deze zaken – niet open zullen blijven staan voor concrete ideeën van andere partijen.

Zoals gesteld, zetten wij heel graag zoveel mogelijk schouders onder een daadkrachtig bestuur van Leudal.

 

 

1. Leudal perspectief 2014-2018

 

Leudal wordt gevormd door de inwoners van de 16 dorpen. Zij hebben de kracht en het organiserend vermogen en maken veel mogelijk op het gebied van ontmoeten, werk, zorg en de ondersteuning van ouderen en jongeren. Zij hebben een gemeente nodig die dit herkent, erkent en faciliteert. Samen de schouders eronder.

 

De demografische ontwikkelingen (daling van aantal jongeren en beroepsbevolking en stijging van aantal inwoners van 65 jaar en ouder) hebben grote invloed op de leefbaarheid en de verworvenheden en daarmee dus ook op het draagvlak voor voorzieningen in de dorpen.

 

Tegelijkertijd komen er een aantal nieuwe taken op de gemeente af. Het Rijk is bezig met drie omvangrijke taken te decentraliseren naar de gemeenten: de participatiewet, de wet jeugdzorg en de wet maatschappelijke ondersteuning. Tot nu toe is alleen duidelijk dat er fors minder geld meekomt van de Rijksoverheid, terwijl allerlei uitvoeringsregelingen nog onduidelijk zijn.

 

 

2. Leudal behoeft andere bestuurlijke verhoudingen

 

Sinds het ontstaan van Leudal op 1 januari 2007 zijn er twee collegeperioden verlopen. In beide perioden heeft de coalitie de eindstreep niet gehaald. Er is veel oud zeer ontstaan in de onderlinge verhoudingen, wat geleid heeft tot scherpe aanvallen over en weer zowel in de gemeenteraad als in de media.

 

In de aanloop naar deze verkiezingen hebben alle partijen uitgesproken dat zij een verbetering van de onderlinge verhoudingen nastreven. Door de vorming van een coalitie ontstaat er -geheel natuurlijk- ook een oppositie in de raad. Dit hoeft de verbetering van de onderlinge verhoudingen niet in de weg te staan als de partijen met respect omgaan met ieders standpunten en als discussies in de raad zich richten op de inhoud en op de -vooraf vastgestelde- agenda.

 

Na de invoering van het dualisme zijn veel uitvoeringswerkzaamheden een zaak van het college. De Raad dient dat te respecteren en het College ook de ruimte te geven dat te doen op een wijze die haar het beste lijkt, uiteraard binnen de door de Raad gegeven kaders. Via tussentijdse rapportages en eindverantwoordingen van de zijde van het College kan de Raad zijn controlerende taak uitvoeren. Het college geeft uitvoering aan een krachtig en stabiel dagelijks bestuur voor Leudal en is daarop aanspreekbaar. Gelijke toepassing van regels, waarbij het principe gelijke monniken, gelijke kappen geldt, leidt ertoe dat handhaving een processtap (‘coachend handhaven’) is en geen eigenstandig doel.

 

De vergaderingen van de gemeenteraad duren erg lang in Leudal. Dit komt de bestuurbaarheid en helderheid over de besluitvorming niet ten goede. Ondanks de uitgesproken wil en wens voor verbetering heeft dit nog niet tot voldoende resultaat geleid. Daarom stellen de coalitie partijen voor om in het reglement van orde een tweetal procedurevoorstellen op te nemen die de vergadertijd reduceren: 1) een regeling voor de spreektijd en 2) invoer van besluitvorming na een stemverklaring op een nader te bepalen tijdstip in de vergadering. Daarmee zal het mogelijk zijn de agenda van een raadsvergadering ook daadwerkelijk in die vergadering af te werken. De burgemeester zal ieder agendapunt telkens kort inleiden en vervolgens wordt de spreekvolgorde evenwichtig over de fracties verdeeld op basis van de fractieomvang.

 

De voorbereiding van de raadsvergadering in het presidium zal een meer regievormend karakter krijgen, gericht op een heldere besluitvormende raadsvergadering e.e.a. op basis van gewogen stemmen.

 

Ten behoeve van een goede besluitvorming in de raad worden drie commissies geïnstalleerd, sociaal, fysiek en bestuur en middelen. Het auditcomité gaat op in de commissie ‘bestuur en middelen’. Alle partijen zijn uiteraard vertegenwoordigd in de commissies waarbij iedere partij per twee raadszetels 1 lid mag leveren met een minimum van 1 en een maximum van 3 per partij. In deze commissie worden op eigen initiatief en op basis van collegevoorstellen voorbereidende besprekingen gevoerd. In de commissie wordt ook politiek bedreven en komen dus ook moties en amendementen aan de orde. Indien de commissie besluiten neemt, gebeurt dit op basis van gewogen stemmen.

 

De coalitiepartijen voeren periodiek en op verzoek van een van de partijen coalitieoverleg gericht op een krachtig en slagvaardig bestuur met goede en heldere besluitvorming voor Leudal en zijn inwoners.

 

 

3. Samenwerking

 

De gemeente is de overheid die het dichtst bij de burger staat. De gemeente voert haar taak uit in het belang van de inwoners. Taken worden zo mogelijk door de gemeente zelf uitgevoerd. Samenwerking wordt actief opgezocht daar waar kwalitatieve of schaalvoordelen ten behoeve van de uitvoering te behalen zijn.

 

Regionale samenwerking, gericht op de versterking van de regio, verdient de volle ondersteuning. Draagvlak op lokaal niveau zal daarvoor worden gecreëerd en verstevigd door middel van een open en heldere communicatie met belanghebbenden.

 

Om haar taken naar behoren uit te voeren zal de gemeente nog meer gericht moeten zijn op samenwerking met inwoners, organisaties en belangengroeperingen en deze moeten ook meer betrokken worden bij de voorbereiding op besluitvorming. Samenwerking op basis van gelijkwaardigheid, betrouwbaarheid, creativiteit en een open dialoog.

 

4. Sociaal Domein

 

Algemeen

De demografische ontwikkelingen (daling van aantal jongeren en beroepsbevolking en stijging van aantal inwoners van 65 jaar en ouder) hebben grote invloed op de leefbaarheid en de verworvenheden en daarmee dus ook op het draagvlak voor voorzieningen in de dorpen. In het eerste jaar van deze raadsperiode zal daarom een onderzoek plaatsvinden naar de toekomstige levensvatbaarheid voorzieningen zoals sociaal-culturele accommodaties en sportaccommodaties in de dorpen. Dat onderzoek richt zich ook op de vraag of clustering van (kind)voorzieningen kan bijdragen aan een verantwoorde exploitatie. Doelstelling van dit onderzoek is om College en Raad een zo goed mogelijk beeld te laten verkrijgen op basis waarvan besluiten voor de langere termijn genomen kunnen worden over de gewenste en benodigde voorzieningen per kern en/of over de kernen heen. Uitgangspunt zal zijn dat voorzieningen haalbaar en betaalbaar blijven en gerelateerd zijn aan lokaal draagvlak en gebruik.

 

De gemeente zal vrijwilligers actief opzoeken en ondersteunen bij de daadwerkelijke uitvoer van het sociaal beleid. Eigenstandige initiatieven van vrijwilligers in de zorg dan wel op andere terreinen, die de leefbaarheid in de kern(en) bevordert worden positief tegemoet getreden en krijgen een kans van de gemeente om zich te bewijzen.

 

Ontmoeten

Inwoners en verenigingen uit Leudal ontmoeten elkaar en hebben daarvoor accommodaties nodig. Voor de korte termijn zullen daarom eenmalig financiële middelen beschikbaar worden gesteld om gemeenschapshuizen courant bruikbaar te maken.

 

Tegelijkertijd zal voor veel organisaties en verenigingen gelden dat samenwerking in en over de dorpen heen in de komende jaren noodzakelijk is om levensvatbaar te blijven. Daarom zullen verenigingen en culturele activiteiten, die de gemeenschap stimuleren om samen te werken en verbindingen binnen (en over) dorpen aan te gaan, actief door de gemeente worden ondersteund. De gemeente ondersteunt vrijwillige fusies.

 

Jeugd en Jongeren

Gemeente werkt vanuit een integrale gebiedsgerichte aanpak met aandacht voor georganiseerde en niet georganiseerde jeugd. Preventie is daarbij van belang.

 

Verenigingswerk draagt bij aan de ontwikkeling van sociale vaardigheden bij jongeren en versterkt de gemeenschap. Bij voldoende gebruik en draagvlak blijven de bestaande jongerencentra open. De gemeente staat open voor creatieve mobiele ontmoetingsplaatsen voor jongeren, waarbij dat wel in samenspraak met dorpsoverleggen zal gebeuren.

 

De gemeente ondersteunt actief dat jonge jeugd (t/m 12 jaar) laagdrempelig kan sporten. Een en ander in nauwe samenwerking met scholen en naschools onderwijs. Trapveldjes e.d.

Zorg

Initiatieven in de zorg zoals Samen Zorgenhuis, buurtzorg, Naober-zorgpunt worden positief tegemoet getreden en krijgen een kans om zich te bewijzen. Aansluiting bij bestaande organisaties wordt gestimuleerd, en tevens staat de gemeente open voor initiatieven die vanuit de samenleving van onderop komen.

 

De eigen kracht en lokale initiatieven die er al in de diverse kernen zijn worden gekoesterd.

 

Onderwijs

Door passend onderwijs komen minder kinderen in aanmerking voor speciaal onderwijs. De gemeente stimuleert dat kleine scholen zo lang mogelijk open kunnen blijven zodat onderwijs voor de jonge jeugd dichtbij beschikbaar is. Passend onderwijs biedt hiervoor kansen. Schaalvergroting is geen doel op zichzelf maar zal te allen tijde binnen een totaal aanbod bekeken moeten worden evenals het belang van de kwaliteit van het onderwijs. De gemeente stimuleert multifunctioneel gebruik van schoolgebouwen en identificeert hiervoor partners / kostendragers. Daarbij blijft dit wel nadrukkelijk een verantwoordelijkheid van alle gebruikers.

 

Basisscholen die niet onder de ondergrens van 50 leerlingen zakken blijven gewoon voortbestaan.

 

Vervoer

Door gemeente, awbz en provincie wordt veel geld uitgegeven aan vervoer voor diverse groepen. Door meer actieve samenwerking worden de beschikbare geld- en vervoersstromen efficiënter ingezet. Uitgangspunt is collectief vervoer, tenzij het niet kan. De gemeente draagt eraan bij dat er een integraal plan komt over vervoersfaciliteiten binnen Leudal, gebaseerd op behoeften en op wat haalbaar en betaalbaar is.

 

 

5. Decentralisaties

 

De decentralisatie is de uitwerking en afgedwongen vertaling van de maatschappelijke verandering. Taken en financiering worden overgedragen naar de gemeente. Uitgangspunten zijn:

 

Er wordt een inspanning van inwoners gevraagd, van henzelf en/of van hun netwerk. (Financiële) mogelijkheden van betrokkenen zijn hierbij het uitgangspunt. Beleid is ondubbelzinnig en transparant zodat de regeldruk afneemt.

 

Beleid wordt, samen met andere gemeenten, op intergemeentelijk of Midden-Limburgs niveau vastgesteld.

 

Uitvoering van beleid is maatwerk, gericht op de mens, op basis van behoeftes en mogelijkheden en wordt ‘aan de keukentafel’ besproken. De vraag/nood van de burger is het vertrekpunt.

 

Het beschikbare budget wordt geoormerkt voor dit doel. Bij ontoereikend budget wordt de decentralisatie in beginsel niet afgewend op de aanvrager(s).

 

6. Fysiek domein

 

Leudal heeft een hoogwaardige openbare ruimte waarin de kwaliteit voorop staat. In het belang van de aantrekkelijkheid van de regio dient dit behouden te worden. Een balans tussen economische ontwikkeling en duurzaamheid staat hierbij voorop. Dit geldt in het algemeen maar zeker ook meer specifiek voor de bedrijventerreinen.

 

Duurzaamheid gaat hand in hand met maatschappelijk verantwoord ondernemen. Werkend vanuit de strategische visie is er aandacht en ondersteuning voor o.a. (culturele) evenementen die zorgen voor economische ontwikkeling en Leudal toeristisch en recreatief op de kaart zetten.

 

Vooral kleinschalige initiatieven worden positief en actief tegemoet getreden door de gemeente. Handhaving met betrekking tot de openbare ruimte is een onderdeel van het proces en geen doel op zichzelf.

 

Een goede communicatie met de dorpsraden staat ook hier voorop. Gezien de financiële consequenties kan hier niet elke wens worden ingewilligd en er ook “nee” worden verkocht.

 

Wonen

De planvoorraad voor woningbouw wordt geactualiseerd. Hierdoor ontstaat ruimte voor (particuliere) initiatieven. Hierbij is aandacht voor het voorkomen van planschade. Inbreiding gaat hier in principe boven uitbreiding. Er wordt op deze wijze voorzien in woonbehoefte en bijgedragen aan de ontwikkeling van een goed dorpsaanzicht.

 

(Her)starters worden door de gemeente actief ondersteund.

De gemeente vraagt bij de woningbouwvereniging aandacht voor de sociale woningvoorraad en streeft in samenwerking met anderen naar een woningvoorraad die aansluit bij de vraag en behoeften van de inwoners van Leudal.

 

Ondernemen

De gemeente ondersteunt platforms waar (startende) ondernemers kunnen samenwerken om zo aantrekkelijkheid van Leudal als vestigingsgebied te bevorderen. Ook is er aandacht voor de ontwikkeling van bedrijfsverzamelgebouwen waarbij leegstaande panden op kleinschalige wijze worden ingezet ten bate van startende ondernemers.

 

Voor de bedrijventerreinen Zevenellen en de vierde fase Ittervoort wordt een thematische benadering voorgestaan, te weten resp. biobased bedrijvenpark en A2-park. Bedrijventerreinen worden actief gepromoot waarbij het ingezette beleid gevolgd word. Voorwaarde voor deze thematisering is dat deze niet mag leiden tot ongewenste en financieel onverantwoorde stagnatie in de ontwikkeling van deze terreinen.

 

Recreatie & toerisme

Toerisme is en blijft een van de speerpunten in de strategische visie.

 

De gemeente staat welwillend tegenover de ontwikkeling van Buitenhof 2. Op basis van een onderzoek door de aanvrager kunnen verdere besluiten genomen worden.

 

Buitengebied

Het bestemmingsplan buitengebied wordt voortvarend tot uitvoering gebracht. Voor zowel het veegplan als het reparatieplan buitengebied wordt het al vastgestelde bestemmingsplan gevolgd. Uitstel van het indienen van BOP’s tot uiterlijk 1 augustus.

 

Snelle internetverbinding is een basisvoorziening. Nu bekende methoden zijn voor de gemeente echter financieel niet haalbaar. Wel zal de gemeente alternatieven actief ondersteunen waarbij ze eventueel kan faciliteren in o.a. de financiering.

 

Gelet op het belang van de agri-business, wordt krachtig ingezet op (her-) ontwikkeling van bedrijfslocaties.

 

Bestemmingsplannen

Vooruitlopend op de nieuwe Omgevingswet worden de bestaande regelingen opgeschoond zodat lokale ruimtelijke regelgeving vereenvoudigd wordt.

 

Openbare ruimte & wegen

Zolang de gemeentebegroting wordt gekenmerkt door bezuinigingen wordt gewerkt met een sober onderhoudsniveau.

 

Voor het onderhoud van wegen, groen en gladheidsbestrijding wordt het huidige fysieke niveau gehandhaafd.

 

Pilots zoals onderhoud bomen door LLTB etc. worden toegejuicht. Kan mogelijk ook op andere terreinen (m.u.v. wegenonderhoud) plaatsvinden. Burgers en verenigingen er meer bij betrekken en vergoeding verstrekken geeft invulling aan eigen regie en is financieel ook aantrekkelijk voor gemeente.

 

Door de veranderingen binnen de sociale werkvoorziening en de participatiewet komen een aantal werkzaamheden en organisaties onder druk te staan. Wij streven op basis van het lopende onderzoek naar een eigen werkbedrijf met nabuurgemeenten en RD Maasland waar werkzaamheden laagdrempelig, dichtbij de woonomgeving en financieel aantrekkelijk worden uitgevoerd.

 

Met betrekking tot het GVVP wordt alleen een uitvoeringsprogramma opgesteld waarbij geen verkeersdrempels worden opgenomen.

 

De gelden voor het herinrichting van de Dorpsstraat - Stationsstraat in Baexem blijven gereserveerd. Er is terughoudendheid met betrekking tot investeringen en is er sprake van een sobere uitvoering.

 

Treinstations in Baexem en Haelen versterken Leudal en verdienen steun. Gelet op het bovenlokaal belang wordt samenwerking gezocht met andere overheden.

N280

De N280 is een provinciale weg, waarbij de beslissingsbevoegdheid ook ligt bij de Provincie Limburg. Deze heeft gekozen voor een andere oplossing dan de Raad van Leudal in haar zienswijze als voorkeur had aangemerkt. Dat is spijtig maar wel een politieke realiteit. Het voeren van bestuurlijke obstructie zal niet leiden tot een andere keuze van de Provincie en is daarom zinloos. Wel zal het nieuwe College de verdere uitwerking met grote aandacht volgen. Mocht uit het nadere onderzoeken van de Provincie blijken dat er een nieuwe keuze gemaakt kan worden, dan ontstaat een nieuwe situatie, waarin opnieuw de zienswijze van de gemeente Leudal ingebracht zal worden. De Provincie wenst te onderhandelen met de gemeente over een gemeentelijke bijdrage in de door haar gekozen duurdere variant, maar zal moeten accepteren dat een bijdrage aan een variant die niet de keuze van de gemeente was niet logisch is en ook niet aan de eigen burgers valt uit te leggen.

 

Bij de verdere uitwerking van dit besluit zal de gemeente – op constructieve wijze - de belangen van Leudal waarborgen waarbij inbreng van inwoners van de meest betrokken dorpen en betrokkenen in het buitengebied herkenbaar meegenomen zullen worden.

 

Hoogwaterbescherming

De realisatie van hoogwaterbescherming wordt niet meer in hoofdzaak door de rijksoverheid tot uitvoering gebracht. Het recentelijk vastgestelde beleid wordt voorspoedig tot uitvoering gebracht. Structuurvisie Maasplassen /ontgrondingen, alleen als meervoudige doelstellingen, hoogwaterbeveiliging, natuur en landschapsontwikkeling, versterking toerisme en recreatie, flora, fauna worden bereikt. Delfstoffenwinning is geen doel op zich maar onontbeerlijk in relatie tot de financiering. Immers het Rijksbeleid en de financiering van de hoogwaterbeveiliging laat ons in dezen geen andere keuze.

 

Een grootschalig vakantiehuizenpark tussen Neer en Buggenum wordt niet ondersteund.

 

7. Financiën

 

De coalitiepartijen streven naar een structureel meerjarig sluitende begroting waarbij een degelijk financieel beleid wordt gevoerd met daaraan gekoppeld een verantwoorde lastendruk. De te bereiken maatschappelijke effecten en de daarvoor minimaal benodigde financiële middelen zijn hierbij het vertrekpunt. De interne gemeentelijke organisatie is daarbij op orde en ingericht op de grote veranderingen die komende jaren op ons afkomen.

Gelet op de ontwikkelingen op het terrein van inkomsten en uitgaven ontkomen we niet aan stevig en ingrijpende maatregelen. Uitvoering van beleid dient derhalve sober en doelmatig te zijn.

 

De beheersplannen gaan deel uitmaken van de integrale behandeling van de begroting waardoor ook ogenschijnlijk vanzelfsprekende begrotingsposten telkens nut en noodzaak moeten bewijzen (zero-based budgettering).

 

De budgetten die beschikbaar komen voor de decentralisaties zijn nog onzeker. Deze budgeten dienen als taakstellend te worden gezien. Niet bestede middelen blijven de eerste jaren geoormerkt.

 

Verbonden partijen dragen voor hun deel en naar verhouding bij aan de gemeentelijke bezuinigingen.

 

Daarnaast bestaat de wens om het huidige, goede, voorzieningenniveau te handhaven.

 

Efficiënter gebruik van accommodaties door samenwerking. Deze samenwerking wordt ondersteund en de besparingen komen mede ten goede aan de participerende verenigingen.

 

Het goede voorzieningenniveau blijft voor zover als maatschappelijk gedragen en betaalbaar in stand waarbij efficiënt gebruik van de accommodaties door samenwerking wordt ondersteund. Niet uit te sluiten valt dat voor het op orde brengen en houden van die accommodaties die de leefbaarheid bevorderen de lasten voor de inwoners van Leudal stijgen. Daarnaast kunnen de Essent boekwinsten voor investeringen met “een algemeen maatschappelijk nut” worden ingezet. De OZB stijgt met de inflatiecorrectie.

 

 

8. College en portefeuilleverdeling.

 

Omvang van het college.

De omvangrijke uitbreiding van het takenpakket van de gemeente door de drie grote decentralisaties vraagt om een sterkere bestuurlijke inzet. Dit rechtvaardigt een uitbereiding naar 3,6 fte voor vier wethouders.

 

Portefeuilleverdeling wethouders:

Dhr. Mr. A.J.M. Walraven (Samen Verder) 1 fte: Ruimtelijke ordening, wonen en bouwen, recreatie en toerisme, kunst en cultuur.

Dorpenwethouder van Haelen, Horn, Nunhem en Buggenum.

 

Dhr. P.H.G. Verlinden (Samen Verder) 1 fte: Economische zaken, openbare ruimte, duurzaamheid en financiën.

Dorpenwethouder van Heythuysen, Baexem, Grathem en Kelpen-Oler.

 

Dhr. J.M.M. van den Beuken (CDA) 0,9 fte: Decentralisaties, sociale zaken, verenigingen en accommodaties.

Dorpenwethouder van Ittervoort, Ell, Neeritter, Hunsel en Haler.

 

Dhr. Drs. P.J.M. Vogels (CDA) 0,7 fte: Regionale samenwerking, onderwijs en handhaving.

Dorpenwethouder van Roggel, Neer en Heibloem.

 

 

9. Reorganisatie

 

Het College van B&W hecht aan een goed personeelsbeleid en daadkrachtige invulling daarvan en stelt voortvarend een secretaris aan voor de nieuwe organisatie. De nieuw benoemde secretaris geeft leiding aan de reorganisatie waarbij de uitvoerbaarheid van de decentralisatie is gewaarborgd. Personeelsreductie vindt primair plaats op basis van functioneren en beoordelen.

 

De ingezette reorganisatie van het gemeentelijk apparaat zal tevens moeten leiden tot een betere cultuur, waarbij ambtenaren op open wijze kunnen –en gaan- samenwerken en waarbij vertrouwen in elkaar gestimuleerd wordt. Dienstbaarheid aan burgers en bedrijven zijn daarbij leidend. Kennis en kwaliteit moeten dan ook de basis zijn van gemeentelijke dienstverlening. Daarom zijn competenties en kwaliteiten bepalend in keuzes ten aanzien van organisatie-inrichting en zal de methodiek van belonen gericht moeten zijn op prestatie en kwaliteit.

 

De raad wordt actief geïnformeerd over de voortgang van de organisatieontwikkelingen.

 

 

Heythuysen, 24 augustus 2014.

 

Namens Samen Verder Namens het CDA

 

De voorzitter De voorzitter

M.W.P.M. Nijskens Drs. J.A. Mulder

 

De fractievoorzitter De fractievoorzitter

H.T.G. Sleven P.H.L.van Melick

 

(einde tekst)